Urban farming schiet wortel in vastgoed

Stadslandbouw – groente, fruit of zelfs bijen houden in de stad – is een sterk opkomende trend in de vastgoedsector. En dan hebben we het niet over een particuliere moestuin of een enkele daktuin. Steeds vaker gaat het om substantiële (delen van) gebouwen die door ontwikkelaars of beleggers worden ingezet als milieuvriendelijke manier en aantrekkelijke faciliteit om vers voedsel in een korte keten – dus met een kleinere ecologische voetafdruk – naar bewoners van steden te brengen. Of dit nu huurders van woningen, medewerkers op kantoren of exploitanten van hotels of restaurants zijn. En dat is hard nodig gezien de urbanisatietrend die wereldwijd gaande is waarbij nu al meer dan de helft van de wereldbevolking in steden woont. Volgens de voorspelling van de Verenigde Naties zal dit aantal in 2050 opgelopen zijn naar 66 procent. Stadslandbouw is een enorme kans voor de vastgoedsector om een forse versnelling te maken in de verduurzamingsopgave. Juist in urban farms is de voedselproductie veel beter bestand tegen klimaatverandering. De combinatie van hydrocultuur (groei in water), aerocultuur (groei in nevel), aquacultuur (ecosystemen voor planten en vissen) met ledverlichting maken urban farms zeer nauwkeurig gecontroleerde omgevingen die de voedselproductie enorm kunnen stimuleren terwijl de ecologische impact enorm wordt verkleind.Het verticaal produceren van voedsel zorgt voor enorme verdichting van de productie, deze neemt per vierkante meter exponentieel toe. Maar het grootste voordeel voor het milieu is vermoedelijk het terugdringen van voedselkilometers. Voordat voedsel op ons bord ligt heeft het ontelbaar veel kilometers afgelegd. In de Verenigde Staten ligt de afstand tussen productie en de eettafel gemiddeld op maar liefst 2.000  kiometer. Dat heeft niet alleen invloed op de versheid maar vooral heeft het een enorme impact op het milieu als er minder hoeft te worden verpakt en minder hoeft te worden getransporteerd. Een enorme kans om leegstaande gebouwen een nieuwe bestemming te geven en tegelijkertijd een beslissende wending te geven aan het oplossen van de klimaatproblemen in de wereld. Niet voor niets neemt het investeren in urban farming – ook door vastgoedbeleggers in stedelijke gebieden – op wereldwijde schaal al toe.

Dakboerderij voor stadsgroenten
Ook in Nederland zien we steeds meer voorbeelden van stedelijke bossen en stadslandbouw. Het voormalige Philipsgebouw in Eindhoven heeft al een paar jaar een enorme dakboerderij waar stadsgroenten worden verbouwd en vis wordt gekweekt. In Eindhoven is het zeventig meter hoge Trudo Vertical Forest in ontwikkeling op Strijp-S, in het stationsgebied van Utrecht wordt Wonderwoods ontwikkeld dat jaarlijks 5.400 kilo kooldioxide verwerkt en 41.400 kilo zuurstof produceert en in 2018 opende de zes verdiepingen hoge bedrijfsverzamelgebouw The New Farm in Den Haag met een dak vol stadslandbouw.
Het is tijd voor een nieuw hoofdstuk in de gebouwde omgeving. Technologisering en digitalisering maken het mogelijk dat we het bestaande steeds beter kunnen benutten, de verdichting op een verantwoorde en duurzame manier kunnen vergroten terwijl we de mobiliteit terugdringen.Stadslandbouw is een enorme kans voor de vastgoedsector om een forse versnelling te maken in de verduurzamingsopgave. Juist in urban farms is de voedselproductie veel beter bestand tegen klimaatverandering. De combinatie van hydrocultuur (groei in water), aerocultuur (groei in nevel), aquacultuur (ecosystemen voor planten en vissen) met ledverlichting maken urban farms zeer nauwkeurig gecontroleerde omgevingen die de voedselproductie enorm kunnen stimuleren terwijl de ecologische impact enorm wordt verkleind.Het verticaal produceren van voedsel zorgt voor enorme verdichting van de productie, deze neemt per vierkante meter exponentieel toe. Maar het grootste voordeel voor het milieu is vermoedelijk het terugdringen van voedselkilometers. Voordat voedsel op ons bord ligt heeft het ontelbaar veel kilometers afgelegd. In de Verenigde Staten ligt de afstand tussen productie en de eettafel gemiddeld op maar liefst 2.000  kiometer. Dat heeft niet alleen invloed op de versheid maar vooral heeft het een enorme impact op het milieu als er minder hoeft te worden verpakt en minder hoeft te worden getransporteerd. Een enorme kans om leegstaande gebouwen een nieuwe bestemming te geven en tegelijkertijd een beslissende wending te geven aan het oplossen van de klimaatproblemen in de wereld. Niet voor niets neemt het investeren in urban farming – ook door vastgoedbeleggers in stedelijke gebieden – op wereldwijde schaal al toe.

Vastgoedmarkt, 13-05-2019